EPC Klein Niet-residentieel gebouw

WANNEER HEBT U EEN EPC NODIG VOOR EEN KLEIN NIET-RESIDENTIEEL GEBOUW DAT VERKOCHT OF VERHUURD WORDT?
DRIE VOORWAARDEN:

  1. Er wordt niet gewoond in het gebouw of gebouwdeel, bijvoorbeeld kantoren, winkels, restaurants, cafés, tavernes, B&B’s, praktijkruimten van dokters, tandartsen en kinesisten, en kantoren van notarissen, advocaten en architecten.
    Er wordt gekeken naar de feitelijke situatie, dus hoe het gebouw of gebouwdeel gebruikt wordt op het moment dat het te koop of te huur wordt aangeboden. Zo wordt een appartement dat gebruikt wordt als boekhoudkantoor, als een niet-residentiële eenheid beschouwd.
  2. Het niet-residentiële gebouwdeel heeft een oppervlakte van maximaal 500 m².
  3. De niet-residentiële gebouwdelen die grenzen aan het deel dat te koop of te huur wordt aangeboden, heeft een oppervlakte van maximaal 1000 m².
    • Dit betekent dat bij een gebouw dat alleen een niet-residentieel gebruik heeft, de totale -vloeroppervlakte van alle verdiepingen maximaal 1000 m² bedraagt.
    • Bij een gebouw dat zowel een residentieel als een niet-residentieel gebruik heeft, worden de oppervlaktes opgeteld van alle niet-residentiële gebouwdelen die op dezelfde verdieping liggen als het te koop of te huur gestelde deel. Als er nog niet-residentiële gebouwdelen op een verdieping erboven of eronder liggen, wordt hun oppervlakte ook meegeteld. De niet-residentiële gebouwdelen die van de andere gescheiden worden door een volledige residentiële verdieping, worden niet meegeteld. De som van de vloeroppervlaktes van de aangrenzende niet-residentiële eenheden, inclusief de oppervlakte van de eenheid zelf, bedraagt maximaal 1000 m².

Bijvoorbeeld:

  • U wilt een winkel van 120 m² op de gelijkvloerse verdieping van een kantoorgebouw verhuren. Als de totale oppervlakte van het gebouw kleiner dan 1000 m² is, moet er voor de winkel een EPC voor kleine niet-residentiële gebouwen opgemaakt worden voordat de winkel te huur wordt
    aangeboden.
  • In een gebouw bestaan de twee laagste verdiepingen uit winkels en verschillende kantoren. Op de bovenste verdiepingen liggen appartementen. U wilt een kantoor van 250 m² verkopen. Als de som van de oppervlakten van alle winkels en kantoren kleiner dan 1000 m² is, moet er voor het kantoor een EPC voor kleine niet-residentiële gebouwen opgemaakt worden voordat het kantoor te koop wordt aangeboden.
    Als uw niet-residentiële gebouw of gebouwdeel groter dan de vastgelegde grenzen is, hoeft u bij verkoop of verhuur vanaf 2020 niet over een EPC te beschikken. Voor dergelijke grote niet-residentiële gebouwen wordt een apart EPC ontwikkeld.

UITZONDERINGEN

Voor bepaalde gebouwen hoeft u geen EPC voor kleine niet-residentiële gebouwen te laten opmaken.
Bijvoorbeeld:

  • gebouwen waarvoor al een geldig EPC bij de bouw beschikbaar is (voor nieuwbouw);
  • alleenstaande niet-residentiële gebouwen met een bruikbare vloeroppervlakte die kleiner dan 50 m² is;
  • industriële gebouwen, zoals productiehallen;
  • stallen, serres en werkplaatsen van een landbouwbedrijf.

De volledige lijst met uitzonderingen vindt u op https://www.energiesparen.be/epc-toepassingsgebied-vanaf2020.

WAT STAAT ER OP HET EPC?

  1. label en energiescore
    Het EPC voor kleine niet-residentiele gebouwen bevat een label, net zoals het EPC voor bestaande  woongebouwen. Een label A+ geeft aan dat het gebouw heel energiezuinig is; een label F wijst op een heel energieverslindend gebouw of gebouwdeel.
    Dankzij het label kunnen EPC’s onderling vergeleken worden, ook al is de bestemming van de gebouwen verschillend.
  2. aanbevelingen
    Op het EPC voor kleine niet-residentiële gebouwen worden aanbevelingen voor een energiezuinige  renovatie gegeven. Mogelijke aanbevelingen zijn de plaatsing van isolatie en isolerende beglazing, energiezuinige verlichting en installaties voor verwarming en warm water.

 

EPC kleine niet-residentiële gebouwen (volledig)

WANNEER MOET HET EPC VOOR KLEINE NIET-RESIDENTIËLE GEBOUWEN BESCHIKBAAR ZIJN?

Vanaf 1 januari 2020 is een EPC verplicht als u kleine niet-residentiële gebouwen en gebouwdelen verkoopt of verhuurt.
Het label of de energiescore moet gepubliceerd worden bij advertenties, op sites …, waar het niet-residentiële gebouw of het niet-residentiële gebouwdeel te koop of te huur wordt aangeboden. Ook het adres of de unieke code (als u het adres niet wilt bekendmaken) moet gepubliceerd worden.

WIE MAAKT HET EPC VOOR KLEINE NIET-RESIDENTIËLE GEBOUWEN OP?

Het EPC wordt opgemaakt door een erkende energiedeskundige type A .
De energiedeskundige type A bezorgt het EPC aan de eigenaar. Bij verhuur bezorgt de eigenaar een kopie van het EPC aan de huurder. Bij het verlijden van de authentieke akte wordt het originele EPC aan de koper overgedragen.

WAT ALS ER GEEN EPC IS?

Als bij controle blijkt dat er geen EPC beschikbaar is, kan de eigenaar van het gebouw een boete van 500 tot 5000 euro krijgen. Als op moment van het verlijden van de authentieke akte geen EPC aanwezig is, meldt de notaris dat aan het Vlaams Energieagentschap. De eigenaar krijgt dan ook een boete.

MEER INFO
https://www.energiesparen.be/EPC-klein-niet-residentieel
of bel 1700

 

Bron: www.energiesparen.be